Atherosclerose / Aderverkalking
Bij atherosclerose, ook wel aderverkalking genoemd, hebben zich aan de wand van de bloedvaten deeltjes vetten (triglyceriden, LDL-cholesterol) afgezet. Daardoor zijn de bloedvaten vernauwd.
Atherosclerose heet ook wel aderverkalking, al komt het niet door kalk, maar door vet. Als er veel vetdeeltjes in het bloed zitten, zoals cholesterol, kunnen die blijven plakken aan de binnenkant van de grote bloedvaten. Op die manier slibben de vaten steeds verder dicht, en raken ze vernauwd. Er kan dan minder bloed door de bloedvaten stromen. Delen van het lichaam en organen krijgen dan te weinig bloed. Diabetes kan aderverkalking veroorzaken, versnellen en versterken .
Gevaren van aderverkalking
Wanneer bloedvaten vernauwd zijn, kan iemand een hartaanval of beroerte krijgen. Er komt dan te weinig bloed en dus zuurstof bij het hart of de hersenen. Dat kan ook gebeuren met benen: vooral tijdens inspanning bij het lopen kunnen ze dan pijn doen. Dat heet ook wel ‘etalagebenen’, omdat de pijn zakt bij het stilstaan. In het begin van aderverkalking merken mensen het zelf niet. Pas later, als de bloedvaten zo vernauwd zijn dat er minder bloed door kan, komen er klachten. Bijvoorbeeld pijn op de borst (‘angina pectoris) en, zoals gezegd, pijn in de benen bij het lopen.
Kans op aderverkalking
De kans op aderverkalking is kleiner wanneer iemand niet rookt, weinig dierlijk vet eet, dagelijks genoeg beweegt en niet te zwaar is.
Hebt u last van aderverkalking, dan krijgt u meestal medicijnen tegen hoog cholesterol in het bloed. Of bloedverdunnende middelen, zodat het bloed beter door de vernauwde vaten kan stromen. Als het echt te erg wordt, zijn er operaties (dotteren en bypass) die de bloedvaten weer ‘ontstoppen’ of een omleiding maken om de vernauwde plek heen.
