Neonatale diabetes

Mensen die al in hun eerste zes levensmaanden diabetes kregen, kunnen een bepaalde vorm hebben van neonatale diabetes. Tot voor kort was dan de diagnose gewoon 'type 1'.

Maar onlangs hebben Rotterdamse onderzoekers ontdekt dat het kan gaan om een speciale genetische vorm van diabetes, die anders behandeld moet worden dan diabetes type 1.

Ze ontdekten een bepaald gen dat anders is dan bij de ‘gewone’ soorten diabetes. Het heet officieel Kir-6.2. Deze variatie zorgt ervoor dat een kanaaltje in de alvleesklier minder goed werkt. Dat probleem kan worden behandeld met tabletten die nu vaak worden gebruikt door volwassenen met type 2 diabetes.

Oproep voor mensen met neonatale diabetes

Hebt u zelf, of iemand die u kent, vóór de zesde levensmaand diabetes gekregen, laat u dan onderzoeken op deze soort diabetes. Dat kan via de onderzoekers in Rotterdam, die samenwerken met een Engels laboratorium. Neem voor advies contact op met het centrum Diabeter.

Het is belangrijk om deze vorm van diabetes op te sporen, want het maakt het leven voor deze mensen een stuk makkelijker. In onderzoek konden volwassenen die al hun hele leven insuline spoten, plotseling toe met tabletten.

Daarnaast konden sommige kinderen met neonatale diabetes ook minder goed meekomen op school en soms op de leeftijd van 4 jaar nog niet lopen. De tabletten blijken ook te werken op andere plaatsen zoals hersenen, spieren en zenuwen waardoor prestaties verbeteren en de kinderen van de ene week op de andere konden lopen.