Uitslag bloedsuikertest
Bloedglucosewaarde
Normaalgesproken schommelt de bloedsuiker (bloedglucose) zo tussen de 4,0 en de 8,0 mmol/l.
Let op:
- De huisarts kan uw bloedsuiker onderzoeken met een vingerprik of met een buisje bloed dat naar het laboratorium gaat.
- De uitslagen daarvan kunnen verschillend zijn, omdat de bloedsuiker gemeten in een vingertop anders is dan in een groter bloedvat.
- Tegenwoordig rekenen de bloedsuikermeters bij een vingerprik zelf de waarde om naar een laboratoriumuitslag.
- Wilt u de onderstaande getallen kunnen vergelijken met uw eigen uitslag, dan moet u dus weten of het de 'vingerprikuitslag' was of de uitslag zoals hij geldt bij een laboratorium.
- Veel meters hebben een kleine meetafwijking. De getallen achter de komma kunnen in werkelijkheid dus wat lager of hoger zijn.
Dit zijn de getallen voor uitslag van een laboratoriumonderzoek, die dus tegenwoordig ook vaak gelden bij een vingerprik wanneer de meter ze zelf omrekent:
- Nuchter geprikt tussen de 6,1 en 6,9 mmol/l: voorfase van diabetes.
- Nuchter geprikt boven de 6,9 mmol/l: diabetes.
- Niet-nuchter geprikt: boven de 11 mmol/l: diabetes.
- Als normaal geldt: nuchter geprikt onder de 6,1 mmol/l en niet-nuchter onder de 7,8 mmol/l.
In de voorfase van diabetes type 2 kunt u nog veel doen om diabetes te voorkomen. Voldoende lichaamsbeweging, gezonde voeding en een aantal kilo afvallen halveert de kans dat het echt tot diabetes komt.
Meer informatie? Bestel de gratis brochure Diabetes voorkomen.
Laboratoriumonderzoek
Het kan zijn dat iemand op de rand zit van diabetes. In dat geval is een vingerpriktekst niet genoeg, want die meting kan een beetje afwijken van de echte waarde. Dat zou precies het verschil kunnen zijn tussen wel of niet officieel diabetes hebben. Daarom is in dat soort gevallen een laboratoriumonderzoek van een buisje bloed nodig.

