Zij geven om elkaar

Miranda de Moor (42) heeft diabetes type 2. Ze is yogalerares, en gebruikt de lessen om aan haar dagelijkse dosis beweging te komen. Haar dochtertje Lizzy (8) heeft geen diabetes, maar weet maar al te goed wat het betekent om deze ziekte te hebben.

Bij Miranda en Lizzy in huis liggen her en der grote, gekleurde ballen. Miranda verontschuldigt zich voor de ‘yogarommel’ en voor haar oververhitte uiterlijk: “Mijn bloedsuikerspiegel was daarnet heel laag. Daardoor word ik duizelig en krijg ik het warm. Naast de opvliegers word ik ook nog eens opvliegerig. Dat is niet leuk voor een kind.” Ze heeft het over haar dochter Lizzy. Miranda is zeven jaar bezig geweest om zwanger te worden, met behulp van IVF. Na een miskraam ontdekten de doktoren dat haar suikerwaarden veel te hoog waren. Even later werd diabetes type 2 vastgesteld. Ze gaven haar speciale tabletten die de suikerwaarden moesten reguleren. Twee weken later bleek IVF niet langer nodig. Miranda was zwanger. “Ik had IVF nooit hoeven doen als ik eerder had geweten van mijn diabetes.”

Groeispurt
Lizzy is inmiddels een flinke meid van acht jaar. Ze heeft geen diabetes, maar Miranda is bang dat ze het vroeg of laat toch zal krijgen. Lizzy vertelt: “Een tijdje geleden was ik iedere dag heel moe. Mama ging toen in mijn vingers prikken om te kijken of mijn suiker wel goed was.” Achteraf bleek dat Lizzy door een groeispurt heen moest, en daardoor vaak moe was. Maar Miranda blijft angstig. “Bij mij zijn ze er veel te laat achter gekomen. Ook mijn vader heeft sinds kort diabetes type 2. Het zit in de familie.”

Een normale toekomst
Miranda steunt het Diabetes Fonds al een aantal jaar. Onderzoek naar deze ziekte vindt ze dan ook erg belangrijk. Zelf is ze door de diabetes aangekomen en heeft daar, met name tijdens haar werk, veel last van. Ook maakt Miranda zich veel zorgen over erfelijkheid. “Ik ben gewoon niet 100% zeker van een normale toekomst voor Lizzy.” Afgezien van haar eigen motieven vindt Miranda dat mensen sowieso meer moeten geven aan onderzoek. “Iedereen kent wel iemand met diabetes in zijn directe omgeving. Misschien krijg je het zelf wel over een paar jaar. Hoe meer onderzoek, hoe meer er aan gedaan kan worden.”