Complicaties meten met een lampje
Binnen een paar jaar zijn diabetescomplicaties met een soort lampje aan de huid af te lezen. Het Diabetes Fonds betaalde een belangrijk deel van het onderzoek: evaluatie van de betrouwbaarheid.
Het meetapparaat, de zogeheten AGE-reader, is gebaseerd op het verschijnsel ‘autofluorescentie’. Het komt erop neer dat bepaalde stoffen in de huid worden gemeten, zogeheten AGE’s: dat zijn blijvend versuikerde stoffen in het bloed die een rol spelen bij het ontstaan van chronische diabetescomplicaties. Zoals hart- en vaatziekten en problemen met ogen, nieren en zenuwen.
Tot nu toe konden AGE’s alleen gemeten worden in het weefsel zelf. Vaak gebeurt dat in kleine stukjes huid uit een huidbiopt. Dat is geen prettige methode, die je niet zomaar doet. In Groningen is een apparaatje ontwikkeld dat in staat is door middel van fluorescentie van buiten af AGE’s in de huid te meten. Dat gebeurt heel simpel door even een lampje tegen de huid aan te houden.
In dit project is de bruikbaarheid van dit apparaat verder onderzocht, bij bijna duizend mensen met type 2 diabetes en een flinke controlegroep. Het apparaat geeft betrouwbare uitslagen: inderdaad maken de huidmetingen duidelijk de ernst van complicaties zichtbaar.
In een vervolgonderzoek wordt nu gekeken of de huidmetingen bruikbaar zijn om complicaties te voorspellen en de voortgang ervan te meten. Daarop kan vervolgens de behandeling worden aangepast. De AGE-reader is al in gebruik bij diverse binnen- en buitenlandse ziekenhuizen.
> Help mee, maak meer vernieuwend onderzoek mogelijk!
Meer resultaten over de gevolgen van diabetes
Mensen met diabetes hebben vaak last van wondjes die slecht genezen. Ook hebben ze vaak hart- en vaakziekten. Wetenschappers denken dat dat met elkaar te maken heeft. Bij eerder onderzoek is namelijk een stof gevonden in ons lichaam die stolsels van wonden beïnvloedt en daarmee ook de doorstroming van het bloed.
Bij mensen van Surinaams-Hindostaanse afkomst komt diabetes type 2 erg veel voor. Ze hebben ook een hoger risico op diabetes en hart- en vaatziekten. Vaak worden Surinaams-Hindostaanse baby’s geboren met een laag gewicht, maar met relatief veel lichaamsvet. Kinderen met een laag geboortegewicht hebben later een hogere kans op diabetes en hart- en vaatziekten. Uit dit onderzoek blijkt dat wat de moeders eten tijdens de zwangerschap hier misschien invloed op heeft.
Ernstig overgewicht is de belangrijke risicofactor voor diabetes type 2. Overgewicht ontstaat als iemand meer eet dan dat hij verbrandt. Hoeveel je eet, oftewel je eetgedrag, wordt onder andere bepaald door de aanleg van hersengebieden in de vroege jeugd. Die vroege aanleg heeft de rest van je leven invloed op je gedrag.
Mensen met diabetes type 1 hebben te weinig bètacellen die insuline maken en moeten daarom insuline spuiten. Een alternatieve behandeling is een transplantatie van nieuwe bètacellen. Omdat er een tekort is aan donorcellen, wordt gezocht naar nieuwe manieren om meer bètacellen te maken. In dit onderzoek is gekeken hoe je bètacellen in een kweekschaaltje kunt laten vermeerderen.
De laatste jaren is duidelijk geworden dat een onderdeel van de hersenen, de hypothalamus, belangrijk is voor de stofwisseling van glucose in de lever. In dit onderzoek is gekeken hoe dit precies gebeurt in de hypothalamus.