De rol van een groeifactor bij diabetes type 2
Naast insuline heeft de zogeheten ‘insuline-achtige groeifactor’ ook invloed op de bloedsuikerspiegel. De aanmaak van deze stof is erfelijk bepaald. Mensen die weinig ervan aanmaken hebben een grotere kans om diabetes type 2 en een hartinfarct te krijgen. De onderzoekers hebben nu verder onderzoek gedaan naar de insuline-achtige groeifactor.
In dit onderzoek hebben de onderzoekers de kennis over de rol van de insuline-achtige groeifactor (IGF) en diabetes type 2 verder uitgebouwd. Ze concluderen dat mensen die weinig IGF aanmaken bij hun geboorte een lager gewicht hadden. De laatste jaren is duidelijk geworden dan baby’s met een laag geboortegewicht een grotere kans hebben om later in hun leven diabetes type 2 en hart- en vaatziekten te krijgen.
Bij deze mensen werken de eilandjes van Langerhans minder goed, waardoor ze minder insuline aanmaken. Ook bleken mensen met diabetes type 2 met weinig IGF meer kans te hebben op schade aan het netvlies en nierproblemen dan mensen met diabetes type 2 met een normale hoeveelheid IGF. Deze mensen hebben na een hartinfarct een kortere levensverwachting dan mensen met diabetes type 2 met een normale hoeveelheid IGF. Verder bleek uit dit onderzoek dat mensen met diabetes type 1 met weinig IGF een grotere kans hebben op nierproblemen.
Dit onderzoek werpt nieuw licht op de rol van de insuline-achtige groeifactor in diabetes type 2.
> Help mee, maak meer onderzoek naar diabetes type 2 mogelijk!
Meer resultaten over diabetes type 2
Naast insuline heeft de zogeheten ‘insuline-achtige groeifactor’ ook invloed op de bloedsuikerspiegel. De aanmaak van deze stof is erfelijk bepaald. Mensen die weinig ervan aanmaken hebben een grotere kans om diabetes type 2 en een hartinfarct te krijgen. De onderzoekers hebben nu verder onderzoek gedaan naar de insuline-achtige groeifactor.
Mensen met overgewicht hebben een grotere kans om diabetes type 2 te krijgen. Maar hoe het een tot het ander leidt is onduidelijk. In dit onderzoek keken de onderzoekers naar het verband tussen vet en de werking van de energiefabriekjes in de cel.
Mensen die veel koffie drinken, lopen minder kans op diabetes type 2 dan mensen die weinig koffie drinken. In dit onderzoek bleek dat chlorogeenzuur en trigonelline uit koffie een gunstig effect hebben.
Onderzoek naar diabetes wordt vaak gedaan met kleine stukjes weefsel van patiënten. Kun je die proeven ook doen met bindweefselcellen die je op minder belastende manier verkrijgt en in het laboratorium vermenigvuldigt?
Spieren hebben een grote invloed op de suikerstofwisseling. Bij diabetes type 2 nemen de spieren minder goed glucose op uit het bloed. Dit onderzoek toont voor het eerst aan dat de mini-energiecentrales (‘mitochondriën’) van de spiercellen niet goed meer werken bij mensen met diabetes type 2.
