Beste Website

Reparatieploeg voor bloedvaten

Onderzoek naar gevolgen
2007.00.035
Lopend
Dr. P.J.M. Leenen
€ 268.659

Veel mensen met diabetes hebben last van beschadigde bloedvaten. Waarom repareert het lichaam de schade niet net zo goed als bij mensen zonder diabetes?

In dit onderzoek worden de cellen onderzocht die normaal de vaatwand repareren. Mogelijk leidt dat tot nieuwe medicijnen tegen hart- en vaatziekten.

 

> Help mee, maak meer vernieuwend onderzoek mogelijk!

  Ja, ik geef aan onderzoek

 

Meer onderzoek naar de gevolgen van diabetes

Mensen met diabetes hebben vaak last van wondjes die slecht genezen. Ook hebben ze vaak hart- en vaakziekten. Wetenschappers denken dat dat met elkaar te maken heeft. Bij eerder onderzoek is namelijk een stof gevonden in ons lichaam die stolsels van wonden beïnvloedt en daarmee ook de doorstroming van het bloed.

Bij mensen van Surinaams-Hindostaanse afkomst komt diabetes type 2 erg veel voor. Ze hebben ook een hoger risico op diabetes en hart- en vaatziekten. Vaak worden Surinaams-Hindostaanse baby’s geboren met een laag gewicht, maar met relatief veel lichaamsvet. Kinderen met een laag geboortegewicht hebben later een hogere kans op diabetes en hart- en vaatziekten. Uit dit onderzoek blijkt dat wat de moeders eten tijdens de zwangerschap hier misschien invloed op heeft.

Ernstig overgewicht is de belangrijke risicofactor voor diabetes type 2. Overgewicht ontstaat als iemand meer eet dan dat hij verbrandt. Hoeveel je eet, oftewel je eetgedrag, wordt onder andere bepaald door de aanleg van hersengebieden in de vroege jeugd. Die vroege aanleg heeft de rest van je leven invloed op je gedrag.

Mensen met diabetes type 1 hebben te weinig bètacellen die insuline maken en moeten daarom insuline spuiten. Een alternatieve behandeling is een transplantatie van nieuwe bètacellen. Omdat er een tekort is aan donorcellen, wordt gezocht naar nieuwe manieren om meer bètacellen te maken. In dit onderzoek is gekeken hoe je bètacellen in een kweekschaaltje kunt laten vermeerderen.

De laatste jaren is duidelijk geworden dat een onderdeel van de hersenen, de hypothalamus, belangrijk is voor de stofwisseling van glucose in de lever. In dit onderzoek is gekeken hoe dit precies gebeurt in de hypothalamus.