31 AUG 2017

Koolhydraten blijken bij grotere hoeveelheden schadelijker voor de gezondheid dan vetten. Dit blijkt uit een groot onderzoek naar de invloed van koolhydraat- en vetinname op hart- en vaatziekten.

Uit eerdere studies bleek dat verzadigd vet de kans op hart- en vaatziekten zou verhogen, omdat deze vetten het LDL-cholesterol in het bloed verhogen. Uit deze studie blijkt dat koolhydraten een grotere boosdoener zijn. De onderzoekers concluderen dat een voedingspatroon met minder koolhydraten en een gematigde hoeveelheid verzadigd vet mogelijk optimaal is.

Groot onderzoek

Het onderzoek werd gehouden onder 135.335 mensen zonder hart- en vaatziekten, met verschillende inkomens, afkomstig uit 18 verschillende landen verdeeld over 5 verschillende continenten. Deze mensen in de leeftijd van 35 tot 70 jaar werden gemiddeld 7 jaar gevolgd . Zij kregen vragen over onder andere hun levensstijl, voedingspatroon, medische geschiedenis en huidige gezondheid.

Koolhydraten

De Gezondheidsraad beveelt aan om 40 tot 70% van je dagelijkse energie te halen uit koolhydraten. Uit deze studie blijkt dat pas bij een inname van 77% de kans om vroegtijdig te overleiden met 28% stijgt in vergelijking tot een koolhydraatarm dieet.

De 15.000 mensen uit dit onderzoek die afkomstig zijn uit Europa en Noord-Amerika eten gemiddeld slechts 52,4% koolhydraten. In China en Zuid-Azië halen de mensen het meeste energie uit koolhydraten, namelijk zo’n 67%.

Verzadigd vet

De aanbeveling van de Gezondheidsraad voor vetten is dat 20 tot 40% van je dagelijkse energie uit vetten mag bestaan (bij overgewicht maximaal 35%). Voor verzadigd vet geldt een maximum van 10%.

Uit deze studie blijkt dat bij een voedingspatroon dat voor 35% uit vetten bestaat de kans op een vroegtijdige dood gemiddeld 23% lager is dan bij mensen die minder vetten eten. De kans op een beroerte daalde ook met 18%.

Geen hard bewijs

De conclusies die de onderzoekers trekken zijn geen harde bewijzen. In het onderzoek is geen rekening gehouden met de verschillen in leefsituatie tussen de rijke en arme landen. In met name Azië en Afrika worden veel meer koolhydraten gegeten en is de sterfte hoger dan in Europa waar minder koolhydraten worden gegeten. Dit hoeft niet te betekenen dat de hoge sterfte ligt aan de hoge inname van koolhydraten, want in deze landen is namelijk ook de gezondheidszorg slechter.

De resultaten zijn dus moeilijk los te zien van de leefsituaties in de verschillende landen en kunnen daarom niet direct met elkaar vergeleken worden. Meer onderzoek is nodig om te komen tot harde bewijzen.