8 DEC 2016

De levensmiddelenindustrie mag geen kinderidolen meer op ongezonde snacks plaatsen. De verpakkingen van onder andere biscuitjes, sappen en koekjes gaan drastisch veranderen. De levensmiddelenindustrie heeft deze maatregel na ‘maatschappelijke druk’ zelf genomen.

Op producten voor kinderen tot zeven jaar mogen volgend jaar helemaal geen kinderidolen meer worden afgebeeld.

Voor de leeftijd tussen zeven en dertien jaar mag dat nog wel, als de producten niet te veel suiker, vet of andere ongezonde stoffen bevatten. Dat maakt de levensmiddelenindustrie vandaag bekend.

Op gezonde waren, de industrie noemt als voorbeeld tomaten, mogen de kinderidolen wel gewoon blijven staan.

Politiek

Staatssecretaris van Volksgezondheid Martin van Rijn noemt de maatregel een ‘stap in de goede richting’. Van Rijn was over dit onderwerp al langer in gesprek met de Federatie Nederlandse Levensmiddelen Industrie (FNLI). Hij vindt het belangrijk dat ouders en kinderen in de supermarkt niet steeds verleid worden om ongezonde producten te kopen.

Maatschappelijke druk

De Alliantie Stop Kindermarketing, waarvan het Diabetes Fonds ook deel uitmaakt, pleit al langere tijd voor een beleid waarmee zogeheten kindermarketing aan banden wordt gelegd. Ook Foodwatch en de Consumentenbond uitten hun kritiek op het huidige beleid.

Meer stappen nodig

Net als de staatssecretaris noemt Foodwatch dit een stap in de goede richting, maar ziet liever dat de regels komen van de overheid in plaats van dat de branche zelf iets regelt. ''Nu mogen alleen producten die voldoen aan voedingscriteria van de voedingsindustrie reclame maken met kinderidolen. Maar die regels zijn zo slap dat zelfs sommige ijs, frisdrank en chips als 'gezond' worden beschouwd.”

Eerder dit jaar pasten Albert Heijn, Jumbo en Plus enkele verpakkingen van hun huismerken al aan. Tot dusver hebben A-merken hier niet aan meegewerkt, maar met deze nieuwe maatregel moet daar verandering in komen. De sector onderzoekt nog of het besluit niet te makkelijk te omzeilen is, bijvoorbeeld door producten in het buitenland te produceren.