Vetten op cellen en insuline­gevoelig­heid

Vetten aan de buitenkant van cellen zorgen ervoor dat insuline zijn werk niet meer goed kan doen. Dat zorgt ervoor dat het lichaam minder gevoelig wordt voor insuline: het begin van diabetes type 2. De onderzoekers hebben ontdekt hoe ze deze vetten (glycolipiden) kunnen verminderen.

De onderzoekers hebben de glycolipiden geremd met een bepaalde stof. Ze deden dit in muizen die extra gevoelig zijn voor diabetes. De vermindering van deze vetten leidde tot een verbetering van de insulinegevoeligheid in de lever, spier en vetweefsel.

Van overbelasting naar ontsteking

In het vetweefsel en in de lever nam ook de ontsteking af. En juist die ontstekingen spelen een grote rol bij het ontstaan van diabetes type 2. De onderzoekers hebben verder onderzocht hoe deze ontsteking precies werd tegengaan nadat ze de glycolipiden remden.

Ze ontdekten dat het verlagen van de glycolipiden de vetcellen weer beter laat functioneren. Er lekken namelijk geen vetten, die giftig zijn, meer weg uit het vetweefsel naar het bloed. Macrofagen, bepaalde afweercellen, hoeven dan niet meer in actie te komen om deze vetten op te ruimen en ze raken dus ook niet meer overbelast. En juist die overbelasting zorgde voor ontstekingen in het vet.

Hoewel het onderzoek wat verder afstaat van patiënten, heeft het wel meer inzicht gegeven in de werking van vetten gedurende het ontstaan en het verloop van diabetes type 2.

Jouw bijdrage heeft zin

Maak meer onderzoek mogelijk naar de genezing van diabetes.